Je vertrekt in de vroege ochtend vanuit Eindhoven, wanneer de stad nog slaapt en de lucht fris is. De motor slaat aan met een diepe brom en je draait de neus zuidwaarts Via de snelweg verlaat je het stedelijke gebied en rijd je langs bossen, open velden.
De weg slingert licht en het verkeer is minimaal — precies zoals je het wilt aan het begin van een lange rit.
Bij de Belgische grens, net voorbij Maastricht, verandert het landschap subtiel. De huizen staan verder uit elkaar, de lucht lijkt ruimer, en de wegen nodigen uit om rustig te blijven rijden. Je volgt de binnenwegen richting Leopoldsburg en Huy, steeds verder de Ardennen in. De rechte lijnen maken plaats voor glooiende bochten, en de geur van dennenbos hangt in de lucht.
In de Ardennen wordt het echt genieten. Via plaatsen als Durbuy en Marche-en-Famenne kronkelen de wegen door beboste heuvels, langs rivieren en open weides. De route blijft tolvrij en ver van de snelwegen, zodat je alle tijd hebt om te kijken, te luisteren en te voelen. Het tempo ligt laag, maar het landschap maakt elke kilometer de moeite waard.
Zodra je de Franse grens oversteekt bij Longwy, wordt het stiller. Je volgt kleine D-wegen die door het platteland slingeren, met af en toe een dorpje waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Geen haast, geen drukte — alleen het constante ritme van de motor en het open Franse landschap dat zich voor je uitstrekt.
Aan het eind van de middag bereik je Verdun. Je rijdt de stad langzaam binnen en neemt de richting naar het Ossuaire de Douaumont, een indrukwekkend oorlogsmonument net buiten het centrum. Je parkeert de motor en loopt over het terrein. De stilte is bijna tastbaar. Duizenden namen, duizenden verhalen — het herinnert aan een tijd waarin deze heuvels symbool stonden voor strijd en opoffering.
Je neemt een moment om stil te staan, ademt diep in en kijkt uit over het golvende landschap. De weg hierheen was lang, maar de bestemming geeft betekenis aan elke kilometer.