In Oostenrijk, draait de motor soepel door de Alpenbochten. Na een lange klim stop je in een berghut voor een Wiener Schnitzel, dun en krokant, met een plak citroen erbovenop. Als dessert neem je een warme apfelstrudel met vanillesaus, terwijl je uitkijkt over de besneeuwde toppen. Daarna helm weer op, tank vol, en verder zuidwaarts.
Italië verwelkomt je met zon en geuren. In Emilia-Romagna schuif je aan voor tagliatelle al ragù, de originele bolognese, rijk en zacht tegelijk. Toscane laat je smullen van een bistecca alla Fiorentina, een steak zo groot dat hij bijna niet op je bord past. Hoe zuidelijker je rijdt, hoe sterker de smaken: in Napels eet je een pizza margherita die zó simpel en puur is dat je begrijpt waarom dit gerecht de wereld veroverd heeft.
Dan de sprong naar Sicilië. Je motor rolt van de ferry en meteen voel je de mediterrane hitte. Je eerste stop: een knapperige arancino, gevuld met ragù en gesmolten kaas. Langs de kust proef je verse gegrilde zwaardvis, met citroen en olijfolie. In Catania bestel je pasta alla Norma – aubergine, tomaat, ricotta salata – smaken die het eiland zelf lijken te vertellen. ’s Middags koel je af met een citroengranita en een brioche. ’s Avonds sluit je af met cannoli: krokant deeg, romige ricotta en pistache. En dat alles met een glas Nero d’Avola of Etna Rosso naast je motorhelm.
Daarna weer de ferry: Sicilië achter je, Griekenland voor je. Op het dek ruik je al de zee en de belofte van nieuwe smaken. Je rijdt van boord en binnen het eerste dorp krijg je mezze voorgeschoteld: tzatziki, saganaki, dolmades en gegrilde octopus. Alles wordt gedeeld, alles smaakt naar gezelligheid. Onderweg, snel en makkelijk, grijp je een pita gyros van een straatkraam – brood, vlees, frietjes, saus. Perfect na een lange rit.
Je slingert verder richting Meteora. Daar, na een dag vol bochten en uitzichten, bestel je moussaka – laag op laag aubergine, aardappel en gehakt, romig en kruidig. Misschien nog een glaasje retsina erbij, die harsige witte wijn die je meteen terugbrengt naar Griekse zomers. De weg naar Athene voelt als de laatste etappe van een epische culinaire tocht.
En dan Athene. Je parkeert je motor in de schaduw van de Akropolis en schuift ’s avonds aan in een taverna in Plaka. De tafel vult zich met mezze, een koude frappé, misschien een glas ouzo. Je sluit de avond af met baklava – zoet, plakkerig, knapperig. Voor je ligt het Parthenon, verlicht in de avondlucht. Jij, je motor en een buik vol smaken van half Europa