Je rolt vroeg vanuit Eindhoven de Kempen in, het ochtendlicht glinstert op het chroom terwijl je motor soepel door de bochten danst. In België volg je de slingerende binnenwegen langs stille dorpen, waar dennengeur en stilte elkaar afwisselen. Tegen de middag duik je de Ardense heuvels in, elke bocht opent een nieuw vergezicht en je voelt de motor tevreden grommen onder je. Als de zon zakt boven Vouziers, zet je je helm af, nipt aan een lokaal biertje en weet je: dit is Hoggie-stijl — rust, ritme en de weg zonder haast.
Je start in het rustige Vouziers, waar de ochtendmist nog over de velden hangt, en laat de motor zacht brommend richting zuiden trekken. De weg slingert door dorpjes en open vlaktes, dan weer bossen en heuvels — het tempo ontspannen, de wereld in slow motion. Langs Reims en door de wijngaarden van de Champagne voel je de zon warmer worden, de lucht voller van geur en geluid. Tegen de avond bereik je Saint-Martin-du-Mont, het zadel nog warm, en denk je: dit is reizen op zijn best — niet om te komen, maar om te rijden.
Je vertrekt bij zonsopkomst uit Saint-Martin-du-Mont, de motor ronkt laag terwijl het landschap langzaam wakker wordt. De route voert je langs smalle departementale wegen, tussen glooiende velden en oude stenen dorpen waar de tijd geen haast kent. In de middag doorkruis je de Auvergne, de lucht gevuld met berggeuren en verre echo’s van koeienbellen, terwijl de bochten ritmisch blijven komen. Als La Roche-Blanche in zicht komt en de zon rood zakt achter de vulkanen, zet je de motor stil en glimlach je — dit was weer pure Hoggie-stijl, de vrijheid in volle toeren.
Je vertrekt vroeg uit La Roche-Blanche, met de Puy-de-Dôme nog in je spiegels en de frisse berglucht in je longen. De weg slingert zuidwaarts door de Auvergne, langs oude vulkanen en verlaten dorpjes waar de stilte enkel door je motor wordt doorbroken. Naarmate de middag vordert, wordt het landschap zachter, warmer — lavendel, rode aarde en wijngaarden kondigen het zuiden aan. Wanneer je in Albi aankomt, met de kathedraal in avondlicht en de motor nog nagloeiend van de rit, weet je: dit is de vrijheid die je nooit wilt verliezen.
Je verlaat Albi in het eerste licht, de Tarn nog gehuld in nevel terwijl je motor laag gromt over de rustige D-wegen. De route slingert door het ruige landschap van de Midi-Pyrénées, waar elke bocht je dichter bij de bergen brengt en de lucht steeds frisser wordt. In de middag klim je hoger, de weg nauwer, de motor zwoegend maar gretig — tot de toppen van de Pyreneeën zich openen in volle glorie. Als je uiteindelijk Ordino binnenrijdt, de zon laag tussen de bergwanden en de motor nog warm onder je, voel je het besef: dit is Hoggie-stijl op z’n puurste — jij, de machine en de bergen die ademhalen.
Je vertrekt uit Ordino met de bergen nog blauw in de ochtendkoelte, de motor soepel grommend terwijl je Andorra achter je laat. De weg kronkelt langs rivieren en door hoge passen, elke bocht een dans tussen rots en wolk, tussen kracht en kalmte. Wanneer je Frankrijk weer inrijdt, daalt de wereld langzaam open — bossen, dalen en dorpjes waar tijd een zachter ritme heeft. Tegen de avond bereik je Pierrefitte-Nestalas, de lucht ruikt naar dennen en bergwater, en je weet: dit was geen rit, dit was een reis door het hart van de Pyreneeën.
Na dagen vol bochten en bergpassen verdien je een rustige dag — en rond Pierrefitte-Nestalas heb je keuze zat. Je kunt je motor even laten afkoelen en zelf richting Lourdes trekken: een plek vol historie, pelgrims en serene sfeer, waar het zachte ruisen van de Gave de Pau bijna meditatief werkt. Of, als de motor alweer begint te lonken, kies je voor een rondrit door de Pyreneeën: over de Col du Soulor en de Col d’Aubisque, een route vol panorama’s, marmotten en eindeloze horizon. Of je nu kiest voor bezinning of bochten, het blijft Hoggie-stijl — rustig, intens, en precies waar jij zin in hebt.
Je vertrekt vroeg uit Pierrefitte-Nestalas, de frisse berglucht nog in je helm terwijl de Pyreneeën langzaam achter je verdwijnen. De weg daalt via dalen en kronkelwegen vol ochtendlicht, waar elke kilometer zachter wordt naarmate het landschap overgaat in glooiende heuvels en zonovergoten velden. In de Gers ruikt de lucht naar hooi en wijn, dorpen met stenen muren en stille terrassen nodigen uit tot een trage lunch. Tegen de avond rol je Agen binnen, langs de Garonne, en denk je: van bergen naar rivier, van zwoegen naar zuchten — precies zoals een goede rit hoort te voelen.
Je vertrekt uit Agen terwijl de ochtendzon glanst op de Garonne, de motor soepel brullend over landelijke D-wegen. Door het hart van de Limousin slingert de route langs velden, bossen en kleine dorpen waar het leven traag en rustig lijkt te verlopen. De bochten zijn vriendelijk, de horizon wijd en open, en de geur van aarde en vers gemaaid gras vult je helm. Tegen de avond bereik je Nedde, de motor nog warm en tevreden, en je voelt dat elke kilometer een stukje vrijheid was dat je in je zak steekt.
Je vertrekt uit Nedde met de ochtendmist nog laag over de velden, de motor zacht grommend terwijl je de Limousin achter je laat. De weg slingert door stille bossen en langs kabbelende riviertjes, bochten die uitnodigen om langzaam te genieten van het landschap. Naarmate je noordwaarts rijdt, opent het terrein zich en zie je dorpjes met vakwerkhuizen en eeuwenoude kerken, elk een klein rustpunt op de route. Tegen de avond arriveer je in Clamecy, de motor nog warm onder je, en je weet: dit was weer zo’n rit waarbij de weg zelf het doel was.
Je vertrekt uit Clamecy terwijl de ochtendzon over de Nivernais-vallei glinstert, de motor zacht brullend over kronkelende departementale wegen. Door glooiende velden en langs rustige dorpjes slingert de route noordwaarts, waar het Franse platteland nog altijd zijn tijdloze charme behoudt. Tegen de middag wordt het landschap weelderiger, bossen en kleine rivieren begeleiden je terwijl je richting de Ardennen rijdt. Wanneer je Charleville-Mézières bereikt en de motor stilzet in het historische centrum, voel je de voldoening van een dag vol bochten, natuur en Hoggie-stijl vrijheid.
Je verlaat Charleville-Mézières met de zon laag aan de hemel en de Ardennen nog achter je, de motor gromt rustig over de rustige binnenwegen. Door bossen, velden en langs stille dorpjes kronkel je langzaam richting Nederland, elk dorpje een kort moment van stilte en uitzicht. Naarmate je noordwaarts rijdt, veranderen de heuvels in glooiende polders en bekende landschappen, de rit wordt vertraagd door het plezier van elke bocht. Wanneer je uiteindelijk thuis aankomt, zet je de motor stil, glimlachend — de weg achter je, de vrijheid nog in je hart, precies zoals Hoggie-stijl hoort te voelen.